30-04-06

Di Rupo - he came, he saw and he conquered

Een tijd geleden hoorde ik iemand vertellen dat hij een Vlaamse cultuurtoer had ondernomen met een Arabische consul.
De Vlaamse gastheer nam zijn gast mee naar alle belangrijke plaatsen en liet hem alle mooie oude gebouwen, kastelen, kathedralen en kerken zien die Vlaanderen rijk is. Hij nam hem ook mee naar Gent om ‘Het Lam Gods’ te bekijken. Uiteraard heel fier vroeg de gastheer nadien aan zijn gast wat hij van het kunstwerk van Van Eyck vond, maar stond verstomd over het antwoord dat hij kreeg. “Mooi schaapje”, antwoordde zijn gast. “Mooi geschilderd”.




Dit verhaal doet je nadenken. Hebben vreemdelingen in ons land enige affiniteit met het land, de cultuur en geschiedenis van het gastland waar zij wonen? Ik ben ervan overtuigd dat dit niet zo is. En daarvoor baseer ik mij niet alleen op de vreemdelingen die in ons land wonen, maar heb ik mijzelf de vraag gesteld of ik enige affiniteit had met de landen waar ik verbleef en langere tijd gewoond heb vroeger. En als ik heel eerlijk moet zijn moet ik bekennen dat dit niet zo was.
Natuurlijk vond ik de kunstwerken mooi en had ik wel interesse in de geschiedenis van het land. Maar verder raakte het mij niet. Je kunt van het land en haar bevolking houden, je kunt van de natuur houden, maar je wordt nooit één van hen. Want je hebt niet hetzelfde verleden en niet dezelfde achtergrond en geschiedenis die een volk maakt wat het is. “Eén volk”.
Zelfs wanneer je in dit land bent geboren en opgegroeid, je krijgt de cultuur en de opvoeding mee van thuis uit die je dan op jouw beurt weer doorgeeft aan je kinderen. En heel misschien, wanneer je uit de eigen cultuur geraakt en leeft en woont tussen de mensen van het land waar je grootouders heen trokken, kan je één van hen worden .

Daarom heb ik ook mijn twijfels over de tweede, laat staan de eerste generatie vreemdelingen in de politiek. Hierbij denk ik nu specifiek aan Di Rupo.
Worden de Walen beter van zijn beleid? Neen, zijn machtswellust is persoonlijk, meer niet.





In een interview met La Libre Belgique zei Di Rupo, als gevolg op enkele uitspraken van Yves Leterme over meer autonomie voor Vlaanderen, “Als Vlaams-minister president Yves Leterme puur institutionele eisen stelt, zal de PS de uitbreiding van Brussel-Hoofdstad vragen, waar 90% Franstaligen wonen”.

Dat Brussel oorspronkelijk een Vlaams dorp was dat Broeckzele heette, is hem waarschijnlijk onbekend. Dat de burgerij in Broeckzele verfranste toen Willem I bij Napoleon ging aanleunen om meer politieke macht te verwerven is hem waarschijnlijk eveneens onbekend. Het is voornamelijk door die Franse invloeden dat Broeckzele uiteindelijk Bruxelles werd.


Willem I van Oranje Nassau


Later werd de rand van Brussel ingepalmd door rijke Walen die uiteindelijk ‘taalfaciliteiten’ kregen.
Een rijke ‘minderheid’ in kasten van villa’s die klagen dat ze ‘onderdrukt’ worden door Vlamingen.

Oorspronkelijk werden de faciliteiten toegekend als maatregel om de integratie van anderstaligen in een taalgebied te bevorderen, en hebben ze dus per definitie een uitdovend karakter. In de praktijk blijkt echter dat de mening over het tijdelijk of permanent statuut van de faciliteiten verkeerd begrepen wordt door de Franstaligen. Meer nog, Walen die zich massaal kwamen vestigen in de Brusselse randgemeenten eisten o.a. ook Franstalig onderwijs.
Waalse imperialisten stalen meer en meer Vlaams grondgebied en Franstalige politici kunnen zich verkiesbaar stellen tot diep in het Vlaamse land met maar één doel, Vlaanderen zoveel mogelijk te verfransen. Daarom is de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde ook erg belangrijk en mogen er geen toegevingen meer gedaan worden. Méér nog, de faciliteitengemeenten hebben voldoende tijd gekregen om de taal te leren en moeten terug Vlaams worden en blijven.
Het domste dat men ooit kon doen is van Brussel een apart gewest maken...

Di Rupo zei verder in La Libre Belgique : «Als meneer Leterme droomt van een autonomie van Vlaanderen, dan droomt hij! Nooit zullen wij dat laten gebeuren? Brussel is grotendeels Franstalig en dat zal zo blijven”, stelt hij.
“België is de vrucht van een evenwicht tussen artificiële taalgrenzen en een georganiseerde solidariteit. Als men raakt aan een element van het evenwicht, staat alles weer op de helling”, verklaart hij verder.
“Alle voorstellen van de CD&V willen meer en meer materies regionaliseren, met als pseudo-argument dat het beter zou gaan in Vlaanderen”, zegt de Waalse minister-president.
Di Rupo herinnerde aan de solidariteit van het zuiden naar het noorden van het land dat meer dan een eeuw heeft geduurd.

Het is duidelijk dat mijn stelling waarmee ik dit artikel begon, waar is. Di Rupo is niet op de hoogte van de geschiedenis in dit land. Waarschijnlijk kan het hem ook weinig schelen, want het enige waar het bij de PS’er op aan komt is meer macht en meer Vlaams grondgebied veroveren, maar vooral... de Vlaamse centen blijven binnenrijven. Ook al moeten Vlamingen daar tot hun 70-ste blijven voor werken.
Ook zijn bewering, als zou het zuiden meer dan een eeuw lang het noorden gesteund hebben, klopt absoluut niet.


Toen Vlaanderen na de ‘onafhankelijkheid’ in een diepe armoede gedompeld werd en Wallonië het rijke landsgedeelte werd, heeft Wallonië NOOIT Vlaanderen gesteund. Integendeel zelfs, want Vlamingen waren altijd al in de meerderheid. En de 6 miljoen Vlamingen hebben altijd al, ook al vielen ze dood van de honger op hun veld, belastingen betaald. Dus Vlamingen hebben altijd al, met twee miljoen méér inwoners dan Walen, belastingen betaald dat uiteindelijk enkel het rijke Wallonië ten goede kwam. Vlamingen die het hier niet meer konden redden trokken naar Wallonië om er in de mijnen, metaalfabrieken of op het land te gaan werken. Vlamingen werkten er hard en omdat ze ’s avonds moe en vuil naar huis gingen, leverde dat hen de naam van ‘sal flamand’ op.
Pas nadat de ‘sal flamand’ via vakbonden meer geld begonnen te eisen voor hun arbeid, begon de Franstalige bourgeoisie vreemdelingen aan te werven omdat de Vlamingen te duur werden.
(Waarschijnlijk kwamen ook de ouders van Di Rupo op die manier naar hier.)
Dus dat Wallonië ooit één frank naar Vlaanderen liet vloeien uit solidariteit met het arme Vlaanderen is een fabel. Trouwens sociale zekerheid noch landbouwsubsidies of andere enige steun bestond er in die tijd nog niet.



De Zuidelijke Nederlanden in de 18e eeuw.
De financiële rijkdom kwam in de Nederlanden vooral uit het Zuiden.


Di Rupo is er echter van overtuigd dat er opnieuw ‘hoop is in Wallonië’. “Er zijn plannen in overvloed”, zegt hij. Volgens hem is het nu niet het moment om die dynamiek tegen te werken. Het moet gedaan zijn met het zuiden van het land te culpabiliseren”, voegt hij er onbeschaamd aan toe. “Het is ook in het belang van Vlaanderen dat Wallonië zich ontwikkelt. Wallonië zal rijk worden (...) Wij willen niet ondersteund worden, wij zullen het heft weer in handen nemen”, zegt hij.

Wie kan hem meer succes wensen in zijn opzet dan de Vlamingen die jaar na jaar, en dit nu al 175 jaar lang, uitgemolken worden?

De PS’er meent echter dat op een periode van 20, 30 of 40 jaar een land, waar 40 % Franstaligen wonen, “het niet abnormaal zou zijn dat gedurende 40 % van de tijd, er een Franstalige eerste minister moet zijn. Van welke partij dan ook”.

Di Rupo mag voor mijn part eerste minister zijn van het onafhankelijke koninkrijk ‘Wallonia’, maar zeker niet van een land waar de overgrote meerderheid nog steeds bestaat uit Vlamingen die nog dagelijks moeten strijden voor hun taal, hun grondgebied en hun rechten.

Niet alleen klopt mijn stelling dat Di Rupo geen affiniteit heeft met de bevolking, niet in Wallonië, laat staan in Vlaanderen, maar hij is bovendien, net zo min als de huidige Vlaamse kaviaarsocialisten, op de hoogte van de socialistische beginperiode.

Ik kan hen echter een goed boek aanraden: ‘De vergeten geschiedenis van de communautaire spanningen in het Belgisch socialisme voor WOI’ .
De auteur Maarten Van Ginderachter, (°1973) is licentiaat Germaanse talen en geschiedenis.

Dit is een boek waarin de auteur de interpretaties van de Belgische revolutie behandelt waarin de Vlaamse socialistische voorman Edward Anseele deze van de Franstalige socialisten verwerpt. Hij zag 1830 als een afschuwelijke daad, beraamd door de Engelse diplomatie en Leopold van Saksen-Coburg op zoek naar een koninkrijk. Het was niet de scheiding van België en Nederland maar van “Noord- en Zuid-Nederland”.
E. Anseele was in 1882 een overtuigd Groot-Nederlander.(blz. 71-75).
Tot besluit van dit hoofdstuk stelt de auteur ondermeer dat “ …als, de Gentse socialisten zich emotioneel met een vaderland associeerden, was dat Vlaanderen. Deze Vlaamse identificatie had een uitgesproken anti-Belgisch trekje. De achterliggende idee was dat België een kunstmatige creatie was.’(E. Anseele schreef dit onomwonden in zijn roman ‘De Omwenteling van 1830’).”(blz. 145).(Bron: webstek voor linkse republikeinen)


Edw. Anseele

Enkele foto’s geleend bij: http://www.engelfriet.net/Alie/Aad/belgie1.htm

22:59 Gepost door Janice Laureyssens | Permalink |  Facebook |

Commentaren

Prachtig! En waar!

Gepost door: Hubert | 28-04-08

De commentaren zijn gesloten.