29-09-06

Goede raad van een moslim in Nederland.

Maar uiteraard ook hier van toepassing.


Integratie / ’Dit land staat in brand en we doen of er niks loos is’
12-09-2006 - Eildert Mulder - Trouw

Stevige uitspraken zijn het handelsmerk van moslimvoorman Hikmat Mahawat Khan.

hikmat_mahawat

Nu gaat hij het een tijdje rustig aan doen. Nog één keer pakt hij fors uit, over terreurbestrijding, medemoslims en een schrijnend gebrek aan integratie, met dank aan de overheid.

’De oprechtheid is zoek”, zegt ingenieur Hikmat Mahawat Khan. Het was dweilen met de kraan open op brandweersterkte.”

Tot voor kort was hij voorzitter van CGI, de Contact Groep Islam, een koepelorganisatie van moslimorganisaties. Hij is ermee gestopt. Hij wil niet langer meedoen aan wat hij ziet als een schimmenspel tussen overheid en moslimleiders, dat de integratie geen stap dichterbij brengt.

CGI is een tegenhanger van CMO, Contactorgaan Moslims Overheid, een veel grotere koepelorganisatie, maar eenzijdiger omdat ze alleen soennitische moslims vertegenwoordigt. Bij CGI zijn ook sjiiten en alevieten aangesloten.

Zelf behoort Mahawat Khan tot de Lahore-ahmadiyya, een stroming die in de negentiende eeuw ontstond in wat nu India en Pakistan is. De Lahore-ahmadiyya heeft veel aanhang onder Surinamers maar is bij andere moslims omstreden.

Mahawat Khan wil een tijdje afstand nemen. Nog een keer wil hij zijn ideeën over integratie uiteenzetten. Wat heeft zijn eigen werk en dat van anderen aan positiefs voor de integratie opgeleverd? Er lijkt weinig ruimte voor illusies.

Volgens recente onderzoeken behoort Nederland tot de top drie van moslimshatende landen. Ruim de helft van de bevolking heeft een hekel aan moslims. Veel Marokkaanse jongeren wijzen Nederlandse normen en waarden af. Racisme en discriminatie nemen toe. Tel uit je winst van grofweg twintig jaar praten, talloze adviescommissies en karrenvrachten uitgegeven guldens en euro’s.

“Ik maak me zorgen”, zegt Mahawat Khan.”Ik heb geen aanwijzing dat er iets opgelost wordt. Dus zullen er grotere problemen komen.” Hij heeft de buik vol van ’zinloze prietpraatjes, achterbannenpolitiek en bijeenkomstjes’. “Daar bedoel ik ook feestjes mee van de een of andere migrantenorganisatie, waar de wethouder integratiezaken een toespraakje houdt en een applausje krijgt waarna hij snel door moet naar een andere, even nutteloze bijeenkomst.”

Ingenieur Hikmat Mahawat Khan heeft vergeefs geprobeerd met zijn Contact Groep Islam binnen te komen bij het Contactorgaan Moslims Overheid.
De woede van Mahawat Khan keerde zich in 2005 ook tegen integratieminister Verdonk die de erkenning aan het CMO had verleend. Zij zou bij het opzetten van een Nederlandse imamopleiding de orthodoxen bevoordeeld hebben, en dusdoende de liberaler moslims ’bedonderd’. “Nederland staat in brand en we denken dat we net zo kunnen doorgaan als twintig jaar geleden”, klaagt Mahawat Khan. Hij beschrijft hoe overheid, moslimvoormannen en -achterbannen elkaar met wederzijds goedvinden klemzetten. De overheid praat met de voormannen, omdat die een achterban hebben. Daarmee versterkt de overheid de positie van die voormannen bij hun achterban. De voormannen spelen ’schaak op twee borden’. Uit angst voor hun achterban wagen ze zich niet aan gedurfde standpunten. Ook de overheid houdt daar trouwens niet van.
Mahawat Khan: “Het devies is: vooral de boot niet schudden en in plaats daarvan sociaal wenselijke uitspraken doen. Ze weten precies wat de overheid wel en niet wil horen. Heikele onderwerpen snijden ze niet aan, dat wil de overheid niet want dan moeten ze die problemen oplossen.”


Binnen de categorie ’nutteloze prietpraat’ vallen voor hem verklaringen van moslimorganisaties, waarin ze terreurdaden afkeuren. “Ze moeten niet een persverklaring afgeven voor meneer Balkenende maar voor de eigen moskeeën. Ze creëren de illusie dat alles in Nederland in orde is en dat we kunnen doorsnurken.”

In de discussie over islamitisch radicalisme valt hem nog iets anders op, wat een goede analyse en aanpak in de weg staat, de overbelichting van de rol van onder andere Saoedi-Arabië en de onderbelichting van Pakistan: Die fout maken zowel de overheid als de media.”

De invloed van Pakistaans radicalisme bleek in de zomer van 2005, bij de bomaanslagen in Londen. De daders stonden onder invloed van Pakistaanse geestverwanten.

Ook bij de laatste, verijdelde aanslagen op vliegtuigen door Britse moslimextremisten was er een link met Pakistan.

Dat Mahawat Khan zelf wel oog heeft voor de rol van Pakistaans radicalisme, ook in Nederland, houdt verband met zijn Surinaamse afkomst. De meeste moslims daar stammen af van contractarbeiders die eind negentiende, begin twintigste eeuw vanuit India, waarvan toen ook Pakistan nog deel uitmaakte, naar Suriname kwamen. Daar heerste een traditie van grote godsdienstige tolerantie, waarin van ook moslims deelden.
In de jaren zeventig emigreerden de nazaten van die contractarbeiders opnieuw, nu vanuit Suriname naar Nederland.

Hier maakten ze kennis met een hardere islam, van Midden-Oosterse en ook Pakistaanse makelij.

Er zijn nu veel moskeeën, waar vooral Surinaamse en Pakistaanse soennitische moslims komen en die zijn aangesloten bij de World Islamic Mission (WIM). Daardoor is ook binnen de Surinaamse moslimgemeenschap de tegenstelling tussen ahmadi’s en orthodoxe soennieten, die in Suriname minder belangrijk was, aangescherpt.

Vorig jaar bond Mahawat Khan de bel aan toen er in de Taibehmoskee in de Amsterdamse Bijlmer cd’s werden verkocht waarin de leider van de WIM, sjah Ahmed Noorani Siddiqui, de heilige oorlog verheerlijkte.

In antwoord op Kamervragen zei de minister dat Noorani sprak over Pakistan en dat de cd’s niet meer over de toonbank gingen want dat had de moskee gezegd. Mahawat Khan: Het antwoord van Donner was bagger. De politiek wil het blijkbaar niet aanpakken. Waarom niet eisen dat de moskee afstand neemt van de woorden van Noorani?”

Ernstiger nog vindt hij het eindeloze gepreek over kafirs, (ongelovigen). Hij vreest daarvan blijvende schade voor de integratie.

Mahawat Khan: “We staren ons blind op de Mohammed B.’s en Samir A.’s. Terrorisme is erg maar je kunt het bestrijden. Het is iets van de korte termijn. Maar schade voor de integratie werkt generaties door. Je krijgt een samenleving van water en olie, die zich nooit zullen mengen.”

Zijn aanbevelingen, bij het scheiden van de markt: “We moeten de volgorde van urgentie omdraaien. Nu zijn we erg gefocust op immigratie en terreur maar integratie moet nummer een staan.”

“Het integratiebeleid moet uit de sfeer van belangenpolitiek en achterbannen. Vertegenwoordigers van een wijk bijvoorbeeld hoeven helemaal geen afspiegeling te zijn van de bevolking, je moet wel een waarborg hebben dat ze zich inzetten voor de hele gemeenschap en niet alleen maar voor een bepaalde groep.”

“Dingen, die er niet toe doen moeten we achterwege laten. Geen theekransjes meer op kosten van de gemeenschap.”

“Maak duidelijk wat wel en niet kan. Een dubbele nationaliteit bijvoorbeeld heeft een funeste uitstraling. Zeker als Kamerleden en andere politici die hebben, dat kan gewoon niet. Marokko erkent verandering van nationaliteit niet. Maar dan moet iemand als Naima Azough maar eens demonstratief met haar Nederlandse paspoort naar Marokko reizen en haar Marokkaanse paspoort thuislaten.”

“Geef geen verkeerde signalen. Toen de koningin in de Moubarekmoskee in Den Haag mannen geen hand gaf noemde Balkenende dat prima. Onzin natuurlijk, in Nederland geef je elkaar de hand, dat is hier de gewoonte. Door zoiets te zeggen richt Balkenende veel kwaad aan. Hetzelfde geldt voor knuffeluitspraken van Cohen. Het is contra-productief.”

“Hou op met lapmiddelen. Positieve discriminatie richt meer schade aan dan dat het oplost. Tegenover de enkele allochtoon, die er een baan aan overhoudt staat de grote ergernis bij autochtonen.”

Schaf al die adviescommissies af. In plaats daarvan moet er een landelijke integratie-board komen, met werkgevers en werknemers, autochtoon en allochtoon. Een goede dwarsdoorsnede van de Nederlandse samenleving.”

“We moeten eens naar Amerika kijken. De afgelopen vijf jaar hebben ze daar nieuwe aanslagen voorkomen en hebben ze ook de immigratie kunnen regelen. Dat ging blijkbaar samen. Ze zijn daar harder en duidelijker. In de moskee mag je tieren maar daarbuiten niet. Als je je wilt isoleren dan mag dat maar dan moet je wel op je eigen blaren zitten.”

“Maar als je je in Nederland isoleert dan mag de gemeenschap financieel opdraaien voor de gevolgen. Je eist dat je in een boerka mag solliciteren en als je dan geen baan krijgt vind je dat je recht hebt op een uitkering. Naar Amerika komen mensen om iets van hun leven te maken. Naar Europa komen ze kennelijk met een andere instelling.”

“Je moet niet proberen een Casablanca aan de Amstel, een Paramaribo aan de Noordzee of een Istanbul aan de Maas te stichten. Wat er ook gebeurt, de Mokummer moet de garantie hebben dat Mokum Mokum blijft, een stad van patat en mayonaise waarin Hollandse principes gelden.”

00:47 Gepost door Janice Laureyssens in Algemeen | Permalink |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.